Spring naar bijdragen

Bijbellezen, telkens weer opnieuw


Aanbevolen berichten

Op 15-6-2022 om 19:06 zei Hetairos:

Tuurlijk, het is een openbaar forum.

Hieronder volgt nu mijn inhoudelijke reactie op jouw antwoord. Maar voordat je die leest en op je in laat werken, raad ik je aan eerst de laatste alinea van dit bericht te lezen.

Ik breek je hier even af, voor het stellen van een retorische vraag: "Is deze genade, die je noemt, al inbegrepen in de wet?" Zo ja, dan hield Jezus zich aan de wet. Zo nee, dan hield Jezus zich in elk geval niet aan de letter van de wet, doch handelde naar de 'geest van de wet'.

De opmerking, die Hij vervolgens tegen de aspirant rechters maakte, luidt: "Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen". Ook deze maakte geen onderdeel van de wet uit. Met andere woorden: Jezus manifesteerde zich als Heer over de wet, door klip en klaar duidelijk te maken, dat er een bedoeling achter de wet schuil ging, die de leraren van de wet klaarblijkelijk hadden gemist.

Ze brachten de overspelige vrouw niet bij Jezus omdat ze graag wilde weten, wat Hij er van dacht, maar om Jezus op een misstap te kunnen betrappen en Hem vervolgens voor de het gerecht te brengen.

Zie mijn opmerkingen maar als een aanvulling op jouw uitleg van dat wat Job overkomt en waarom. Dat is een kwestie van interpretatie en die van jou is net zoveel waard als die van mij. Zie het dus alsjeblieft niet als een aanval, dat ik het anders zie, Barnabas.

Ten eerste geeft Elihu antwoord namens God. God zelf antwoord Job in een storm (38:1). Ten tweede antwoorden de vier vrienden van Job elk naar eigen inzicht. De eerste drie vanuit de grondgedachte dat God rechtvaardig is en Job onrechtvaardig is, puur vanwege wat hem overkomt. Elihu daarentegen ziet God als rechtvaardig en laat de onrechtvaardigheid van Job buiten beschouwing, maar wijst er wel op dat God niets doet zonder reden. Elihu verwijt Job dus dat hij God ter verantwoording roept, echter zonder in te gaan op de reden achter Job's ellende. Daarom eindigt Elihu zijn reden met: 'De Almachtige, die wij niet begrijpen, is groot van kracht en recht; Hij, die groot is in gerechtigheid, buigt haar niet." Job 37:23 (NBG1951)

Maar als God zelf Job antwoordt, zegt Hij als eerste: "Wie is het toch, die het raadsbesluit verduistert met woorden zonder verstand?" En vervolgens legt Hij Job uit dat er krachten in het spel zijn, die de mens weliswaar zelf niet ziet en dus ook niet kan beheersen, maar die wel alle onder controle van God vallen. God doet dat in beelden en symbolen.

Het gevolg is dat Job begrijpt dat zijn aanklacht aan het adres van God niet terecht was, maar dat hij ook niet werd gestraft voor een onrechtvaardigheid, die hij zelf niet kon benoemen. Job zegt dan ook als eerste: "Zie, ik ben te gering, hoe zal ik U bescheid geven? Ik leg de hand op mijn mond. Eenmaal heb ik gesproken, maar ik doe het niet weer; ja tweemaal, maar ik ga er niet mee voort" Job 39:37-38 (NBG1951).

Als God dan nog wat concreter wordt in het uitbeelden van de 'ware' vijand, zegt Job uiteindelijk: "Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen uwer plannen wordt verijdeld. „Wie is het toch, die het raadsbesluit omsluiert zonder verstand?” Daarom: ik verkondigde, zonder inzicht, dingen, mij te wonderbaar en die ik niet begreep. „Hoor nu, en Ik zal spreken; Ik wil u ondervragen, opdat gij Mij onderricht.” Slechts van horen zeggen had ik van U vernomen, maar nu heeft mijn oog U aanschouwd. Daarom herroep ik en doe boete in stof en as" Job 42:2-6 (NBG1951).

Ik adviseer de meelezers, zowel jouw bericht, Barnabas, als mijn antwoord daarop, te lezen. En uit beide te halen wat hem of haar tot stichting of bemoediging is. Op die manier kunnen we echt met elkaar 'samenwerken'. Want samenwerken is elkaar aanvullen en niet bestrijden.

Moge de Heer onze samenwerking zegenen.

Dat is een goede vraag, of de genade inbegrepen was in de wet. Of er geboden zijn in de wet die over genade, vergeven van zonden, spreken. De wet voorziet in plaatsvervangende offers, dierenoffers. Deze offers verwijzen naar Christus. En het offer van Christus is de verzoening en de genade. De wet voorziet dus in de genade. Er staat dat Christus de wet vervult en dat is dus door de verzoening te bewerken door aan de eis van de wet te voldoen dat er zonder bloedloeiing geen verzoening is.

Van mij mag je best iets anders zien dan ik. Discussie kan dan helpen verder onderzoek naar de waarheid te doen. Het enige is in acht te nemen om elkanders mening aan de ander te laten, zoals er staat (2 Korinthe 1:24): "Niet dat wij heersen over uw geloof, maar wij zijn medearbeiders aan uw blijdschap, want u staat vast door het geloof." Dus het principe van de bijbel is "niet heersen over andermans geloof en hem iets opdringen.

Bij mij in de HSV spreekt Elihu over vinden: "De almachtige, wij kunnen hem niet vinden". Maar of het nu om vinden of begrijpen gaat, God kan zichzelf wel laten vinden en kan zichzelf openbaren. Wij begrijpen hem niet ten volle maar wel ten dele. Christus kwam om zichzelf en de Vader bekend te maken en ook het oude testament openbaart wie God is. En wij begrijpen dat ten dele.
In de rede van God tot Job geeft Hij geen antwoord op de vraag van Job: "Hoe kan het zijn dat de zegen mij onthouden wordt en bederf mij overvalt terwijl ik geen zonden heb begaan." Dat is de centrale vraag en daar geeft God zelf geen antwoord op. Maar Elihu wel: Namelijk het acht slaan op Zijn stem.

En er staat (Johannes 10;27-28): "Mijn schapen horen Mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij. En Ik geef hun eeuwig leven; en zij zullen beslist niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijn hand rukken."
En (Johannes 10;2-4): "Maar wie door de deur naar binnen gaat, die is herder van de schapen. Voor hem doet de deurwachter open en de schapen horen zijn stem, en hij roept zijn eigen schapen bij hun naam en leidt ze naar buiten. En wanneer hij zijn eigen schapen naar buiten gedreven heeft, gaat hij voor hen uit, en de schapen volgen hem, omdat zij zijn stem kennen."
Christus is die Herder en Hij spreekt en leidt ons naar grazige weiden, voorziening en zegen (Psalm 23;1-3): "De HEERE is mijn Herder, mij ontbreekt niets. Hij doet mij neerliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren. Hij verkwikt mijn ziel, Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam."
Ook is het geloof (in Christus) uit het horen (Romeinen 10;17) : "Zo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord van God." Het woord van God is door Zijn stem.
Zo spreekt God dus opdat wij leven en zegen ontvangen, de hemel. Dat is het doel van God met ons en ook Job komt daar terecht. Maar de discipelen zijn gericht op de schuldvraag, God niet:
Het boek van Job wordt samengevat in het verhaal van de blindgeborene: (Johannes 9;1-3): "En in het voorbijgaan zag Hij iemand die blind was van de geboorte af. En Zijn discipelen vroegen Hem: Rabbi, wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren zou worden? Jezus antwoordde: Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet, maar dit is gebeurd, opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden. Ik moet de werken doen van Hem Die Mij gezonden heeft, zolang het dag is; er komt een nacht waarin niemand kan werken. Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het Licht der wereld. Nadat Hij dit gezegd had, spuwde Hij op de grond, maakte slijk met het speeksel en streek het slijk op de ogen van de blinde, en Hij zei tegen hem: Ga heen, was u in het badwater Siloam (wat vertaald wordt met: Uitgezonden). Hij dan ging weg en waste zich en kwam ziende terug."

In het boek Job zijn de eerste drie vrienden ook op zoek naar zonde, zoals de discipelen, maar Jezus zegt dat niemand gezondigd heeft. Hij zegt dat het doel is dat de werken Gods openbaar worden. En Jezus geneest de man zoals ook Job geneest. De blindgeborene wordt gezonder dan hij in zijn jeugd was (hij was immers vanaf zijn geboorte blind) zoals ook Elihu zegt dat Gods doel is de mens frisser te maken dan in zijn jeugd. God is niet uit op zonde maar de vergeving er van en de genezing van de mens.

Maar hoe zit het dan met de rechtvaardigheidsvraag: Wanneer God rechtvaardig is dan straft hij niet zonder reden (één of andere zonde). Het gaat om vergeving van zonde, maar er is wel zonde en dat is dus niet letten op Zijn stem.
Elihu zegt ook: Job33;23-24 "Als er dan een afgezant bij hem is, een bemiddelaar, één uit duizend, om de mens bekend te maken wat zijn recht is, dan zal Hij hem genadig zijn, en zeggen: Verlos hem, zodat hij niet neerdaalt in het graf; Ik heb verzoening gevonden." Dit gaat over de verzoening door Jezus offer. Jezus is de afgezant van God. Ook is Hij de middelaar tussen ons en de Vader. Onze rechtvaardiging is door het geloof (Rom 3;28).

Jezus was bij de blindgeborene en Hij was gekomen om te vergeven en Hij vergaf de zonden van de blindgeborene omdat hij met Jezus sprak en Jezus zei: Vrijspraak, niemand heeft gezondigd. Want die bestonden niet meer.

Persoonlijk heb ik een voorganger gehad die sprak over het horen van Gods stem. Dat wilde ik ook graag en daar ben ik naar op zoek gegaan. Maar ik werd ziek als Job en ik besloot dat ik zou genezen waneer ik Zijn stem zou volgen. Dat is gebeurt en nu ben ik genezen van schizofrenie, een ongeneeslijke ziekte. Maar bij God is niets onmogelijk.
Een voorbeeld van het verstaan van Gods stem: Een bekende van mij vroeg ooit of het goed was twee verschillende banen te nemen, één voor drie dagen en één voor twee dagen. Hij zat in de auto op de snelweg en zag onmiddelijk een bord met "2 + 3" er op. Hij was verrast over het antwoord en vroeg: Is het zo simpel?, meteen daarna zag hij een bord met "ja" er op. Het spreken van God hoeft niet ingewikkeld te zijn, wel is er geloof voor nodig om het antwoord aan te nemen.

Link naar bericht
Deel via andere websites
  • Antwoorden 109
  • Created
  • Laatste antwoord

Top Posters In This Topic

Top Posters In This Topic

Popular Posts

Jezus is aanwezig in ieder die in Hem gelooft, gedoopt is en naar zijn heilige Wil leeft. En Hij is aanwezig in de sacramenten, in het bijzonder de eucharistie, waarin Hij onder de gedaanten van brood

1 Petrus 3:8-22 En eindelijk, zijt allen eensgezind, medelijdend, de broeders liefhebbende, met innerlijke barmhartigheid bewogen, vriendelijk; Vergeldt niet kwaad voor kwaad, of schelden vo

In het begin las ik tien hoofdstukken per dag, volgens een bepaald schema. 1 Kor. 13 en Hebr. 11 las ik iedere dag. Dat was onderdeel van het leesschema. Nu lees ik twee hoofdstukken per dag. Eén uit

Posted Images

3 uur geleden zei Barnabas:

Dat is een goede vraag, of de genade inbegrepen was in de wet. Of er geboden zijn in de wet die over genade, vergeven van zonden, spreken. De wet voorziet in plaatsvervangende offers, dierenoffers. Deze offers verwijzen naar Christus. En het offer van Christus is de verzoening en de genade. De wet voorziet dus in de genade. Er staat dat Christus de wet vervult en dat is dus door de verzoening te bewerken door aan de eis van de wet te voldoen dat er zonder bloedloeiing geen verzoening is.

Ik zie de wet anders. Voor mij is de wet een instrument, dat mij vertelt wat ik fout doe. De wet bestaat uit regels "doe dit" of "doe dat". Het is de rechter! die aan de hand van de wet rechtspreekt en bepaalt of de wet correct wordt toegepast. Als zodanig en in ons geval is de aangeklaagde (de mens) en de rechter God zelf (in het OT) of Jezus Christus (in het NT), en de aanklager altijd satan.

Zoals ik het dus zie, maakt de genade geen deel uit van de wet, maar wordt ze, al dan niet, toegepast door de Rechter. De wet zelf is onpartijdig, maar wordt misbruikt door de aanklager, tenzij de Rechter daar een stokje voor steekt in zijn uitspraak.

Citaat

Van mij mag je best iets anders zien dan ik. Discussie kan dan helpen verder onderzoek naar de waarheid te doen. Het enige is in acht te nemen om elkanders mening aan de ander te laten, zoals er staat (2 Korinthe 1:24): "Niet dat wij heersen over uw geloof, maar wij zijn medearbeiders aan uw blijdschap, want u staat vast door het geloof." Dus het principe van de bijbel is "niet heersen over andermans geloof en hem iets opdringen.

Van mij mag je ook best anders zien dan ik. We verschillen in onze uitgangspunten. Je zou ook kunnen zeggen: mijn godsbeeld wijkt af van dat van jou. En dat uit zich in de manier waarop we de Bijbel lezen (filter) en begrijpen (interpreteren). Het enige wat we dan kunnen doen, is de tekst nemen en die voor ons respectievelijke Godsbeeld laten spreken.

We discussiëren eigenlijk helemaal niet, maar we disputeren.

Jouw berichten vertellen mij een hoop over hoe jij denkt. En uiteraard vertellen mijn berichten jou een hoop over hoe ik denk. Maar daar hang ik verder geen waardeoordeel aan. Al erken ik wel, dat ik pas recentelijk tot dat inzicht ben gekomen.

3 uur geleden zei Barnabas:

Bij mij in de HSV spreekt Elihu <knip> In de rede van God tot Job geeft Hij geen antwoord op de vraag van Job: "Hoe kan het zijn dat de zegen mij onthouden wordt en bederf mij overvalt terwijl ik geen zonden heb begaan." Dat is de centrale vraag en daar geeft God zelf geen antwoord op.

Ik heb het gedeelte met betrekking tot Elihu weggeknipt, omdat ik wat hij zegt niet zo interessant vind met betrekking tot ons onderwerp.

Het gedeelte dat ik in het citaat heb laten staan, is dat voor mij wel. Ik denk namelijk dat Job zelf het niet met je eens is: "Toen antwoordde Job de HERE: Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen uwer plannen wordt verijdeld. „Wie is het toch, die het raadsbesluit omsluiert zonder verstand?” Daarom: ik verkondigde, zonder inzicht, dingen, mij te wonderbaar en die ik niet begreep. „Hoor nu, en Ik zal spreken; Ik wil u ondervragen, opdat gij Mij onderricht.” Slechts van horen zeggen had ik van U vernomen, maar nu heeft mijn oog U aanschouwd. Daarom herroep ik en doe boete in stof en as." Job 42:1-6 (NBG1951)

Jouw verdere bericht laat ik maar even voor wat het is. Niet dat je geen interessante dingen zegt, maar omdat ik denk dat het aan ons wederzijds begrip niet echt meer iets toevoegt.

Jouw persoonlijke ontboezemingen aan het eind van het bericht, heb ik met interesse gelezen, maar ik denk dat het niet aan mij is daar verder iets over te zeggen. Maar met het laatste ben ik het van harte eens

3 uur geleden zei Barnabas:

Persoonlijk heb ik een voorganger gehad die sprak over het horen van Gods stem. (....) Het spreken van God hoeft niet ingewikkeld te zijn, wel is er geloof voor nodig om het antwoord aan te nemen.

 

bewerkt door Hetairos
Link naar bericht
Deel via andere websites
19 uur geleden zei Dat beloof ik:

Dat is geen antwoord op mijn vraag, dat topic bestaat niet.

We zijn het hier daar allemaal over eens, dus ik gaf een voorbeeld. Maar kreeg ik eentje terug? Helaas pindakaas...

23 uur geleden zei Hetairos:

Ik denk dan: "als dat zo is, waarom dan nog geloven"?

Omdat je het veel zaken uit de Bijbel niet kan bewijzen of aantonen, dus je gelooft het. 

Link naar bericht
Deel via andere websites
1 uur geleden zei Hetairos:

Ik zie de wet anders. Voor mij is de wet een instrument, dat mij vertelt wat ik fout doe. De wet bestaat uit regels "doe dit" of "doe dat". Het is de rechter! die aan de hand van de wet rechtspreekt en bepaalt of de wet correct wordt toegepast. Als zodanig en in ons geval is de aangeklaagde (de mens) en de rechter God zelf (in het OT) of Jezus Christus (in het NT), en de aanklager altijd satan.

Zoals ik het dus zie, maakt de genade geen deel uit van de wet, maar wordt ze, al dan niet, toegepast door de Rechter. De wet zelf is onpartijdig, maar wordt misbruikt door de aanklager, tenzij de Rechter daar een stokje voor steekt in zijn uitspraak.

Van mij mag je ook best anders zien dan ik. We verschillen in onze uitgangspunten. Je zou ook kunnen zeggen: mijn godsbeeld wijkt af van dat van jou. En dat uit zich in de manier waarop we de Bijbel lezen (filter) en begrijpen (interpreteren). Het enige wat we dan kunnen doen, is de tekst nemen en die voor ons respectievelijke Godsbeeld laten spreken.

We discussiëren eigenlijk helemaal niet, maar we disputeren.

Jouw berichten vertellen mij een hoop over hoe jij denkt. En uiteraard vertellen mijn berichten jou een hoop over hoe ik denk. Maar daar hang ik verder geen waardeoordeel aan. Al erken ik wel, dat ik pas recentelijk tot dat inzicht ben gekomen.

Ik heb het gedeelte met betrekking tot Elihu weggeknipt, omdat ik wat hij zegt niet zo interessant vind met betrekking tot ons onderwerp.

Het gedeelte dat ik in het citaat heb laten staan, is dat voor mij wel. Ik denk namelijk dat Job zelf het niet met je eens is: "Toen antwoordde Job de HERE: Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen uwer plannen wordt verijdeld. „Wie is het toch, die het raadsbesluit omsluiert zonder verstand?” Daarom: ik verkondigde, zonder inzicht, dingen, mij te wonderbaar en die ik niet begreep. „Hoor nu, en Ik zal spreken; Ik wil u ondervragen, opdat gij Mij onderricht.” Slechts van horen zeggen had ik van U vernomen, maar nu heeft mijn oog U aanschouwd. Daarom herroep ik en doe boete in stof en as." Job 42:1-6 (NBG1951)

Jouw verdere bericht laat ik maar even voor wat het is. Niet dat je geen interessante dingen zegt, maar omdat ik denk dat het aan ons wederzijds begrip niet echt meer iets toevoegt.

Jouw persoonlijke ontboezemingen aan het eind van het bericht, heb ik met interesse gelezen, maar ik denk dat het niet aan mij is daar verder iets over te zeggen. Maar met het laatste ben ik het van harte eens

 

Dat klopt, de wet maakt zonde bekend.
Het gedeelte in Job dat je aanhaalt is ook erg mooi. Wanneer je Gods stem gaat volgen ontdek je de rest ook.

Link naar bericht
Deel via andere websites
Op 16-6-2022 om 15:04 zei Hermanos2:

Ja, als je zelfs onder de radar door vliegt om een account te verkrijgen dan is er echt iets niet in de haak. 

Ik vind de aanwezigheid van ongelovigen geen probleem. Maar waarom zijn het telkens van die vreemde types als Dbi en foppe? Er moeten toch ook gewone ongelovigen zijn? Of blijven die wijselijk uit de buurt van verslavende fora? 

Het is geregeld. Hij is geband (voor de tweede maal)

Link naar bericht
Deel via andere websites
  • 3 weeks later...

Hebreeën 10

Want de wet, hebbende een schaduw der toekomende goederen, niet het beeld zelf der zaken, kan met dezelfde offeranden, die zij alle jaren geduriglijk opofferen, nimmermeer heiligen degenen, die daar toegaan.

Anderszins zouden zij opgehouden hebben, geofferd te worden, omdat degenen, die den dienst pleegden, geen geweten meer zouden hebben der zonden, eenmaal gereinigd geweest zijnde;

Maar nu geschiedt in dezelve alle jaren weder gedachtenis der zonden.

Want het is onmogelijk, dat het bloed van stieren en bokken de zonden wegneme.

Daarom, komende in de wereld, zegt Hij: Slachtoffer en offerande hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij het lichaam toebereid;

Brandofferen en offer voor de zonde hebben U niet behaagd.

Toen sprak Ik: Zie, Ik kom (in het begin des boeks is van Mij geschreven), om Uw wil te doen, o God!

Als Hij te voren gezegd had: Slachtoffer, en offerande, en brandoffers, en offer voor de zonde hebt Gij niet gewild, noch hebben U behaagd (dewelke naar de wet geofferd worden);

Toen sprak Hij: Zie, Ik kom, om Uw wil te doen, o God! Hij neemt het eerste weg, om het tweede te stellen.

In welken wil wij geheiligd zijn, door de offerande des lichaams van Jezus Christus, eenmaal geschied.

En een iegelijk priester stond wel alle dagen dienende, en dezelfde slachtofferen dikmaals offerende, die de zonden nimmermeer kunnen wegnemen;

Maar Deze, een slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechter hand Gods;

Voorts verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank Zijner voeten.

Want met een offerande heeft Hij in eeuwigheid volmaakt degenen, die geheiligd worden.

En de Heilige Geest getuigt het ons ook;

Want nadat Hij te voren gezegd had: Dit is het verbond, dat Ik met hen maken zal na die dagen, zegt de Heere: Ik zal Mijn wetten geven in hun harten, en Ik zal die inschrijven in hun verstanden;

En hun zonden en hun ongerechtigheden zal Ik geenszins meer gedenken.

Waar nu vergeving derzelve is, daar is geen offerande meer voor de zonde.

Dewijl wij dan, broeders, vrijmoedigheid hebben, om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus,

Op een versen en levenden weg, welken Hij ons ingewijd heeft door het voorhangsel, dat is, door Zijn vlees;

En dewijl wij hebben een groten Priester over het huis Gods;

Zo laat ons toegaan met een waarachtig hart, in volle verzekerdheid des geloofs, onze harten gereinigd zijnde van het kwaad geweten, en het lichaam gewassen zijnde met rein water.

Laat ons de onwankelbare belijdenis der hoop vast houden; (want Die het beloofd heeft, is getrouw);

En laat ons op elkander acht nemen, tot opscherping der liefde en der goede werken;

En laat ons onze onderlinge bijeenkomst niet nalaten, gelijk sommigen de gewoonte hebben, maar elkander vermanen; en dat zoveel te meer, als gij ziet, dat de dag nadert.

Want zo wij willens zondigen, nadat wij de kennis der waarheid ontvangen hebben, zo blijft er geen slachtoffer meer over voor de zonden;

Maar een schrikkelijke verwachting des oordeels, en hitte des vuurs, dat de tegenstanders zal verslinden.

Als iemand de wet van Mozes heeft te niet gedaan, die sterft zonder barmhartigheid, onder twee of drie getuigen;

Hoeveel te zwaarder straf, meent gij, zal hij waardig geacht worden, die den Zoon van God vertreden heeft, en het bloed des testaments onrein geacht heeft, waardoor hij geheiligd was, en den Geest der genade smaadheid heeft aangedaan?

Want wij kennen Hem, Die gezegd heeft: Mijn is de wraak, Ik zal het vergelden, spreekt de Heere. En wederom: De Heere zal Zijn volk oordelen.

Vreselijk is het te vallen in de handen des levenden Gods.

Doch gedenkt de vorige dagen, in dewelke, nadat gij verlicht zijt geweest, gij veel strijd des lijdens hebt verdragen.

Ten dele, als gij door smaadheden en verdrukkingen een schouwspel geworden zijt; en ten dele, als gij gemeenschap gehad hebt met degenen, die alzo behandeld werden.

Want gij hebt ook over mijn banden medelijden gehad, en de roving uwer goederen met blijdschap aangenomen, wetende, dat gij hebt in uzelven een beter en blijvend goed in de hemelen.

Werpt dan uw vrijmoedigheid niet weg, welke een grote vergelding des loons heeft.

Want gij hebt lijdzaamheid van node, opdat gij, den wil van God gedaan hebbende, de beloftenis moogt wegdragen;

Want: Nog een zeer weinig tijds en Hij, Die te komen staat, zal komen, en niet vertoeven.

Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven; en zo iemand zich onttrekt, Mijn ziel heeft in hem geen behagen.

Maar wij zijn niet van degenen, die zich onttrekken ten verderve, maar van degenen, die geloven tot behouding der ziel.

Link naar bericht
Deel via andere websites

Hebreeën 12 

Daarom dan ook, alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen allen last, en de zonde, die ons lichtelijk omringt, en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan, die ons voorgesteld is;

Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God.

Want aanmerkt Dezen, Die zodanig een tegenspreken van de zondaren tegen Zich heeft verdragen, opdat gij niet verflauwt en bezwijkt in uw zielen.

Gij hebt nog tot den bloede toe niet tegengestaan, strijdende tegen de zonde;

En gij hebt vergeten de vermaning, die tot u als tot zonen spreekt: Mijn zoon, acht niet klein de kastijding des Heeren, en bezwijkt niet, als gij van Hem bestraft wordt;

Want dien de Heere liefheeft, kastijdt Hij, en Hij geselt een iegelijken zoon, die Hij aanneemt.

Indien gij de kastijding verdraagt, zo gedraagt Zich God jegens u als zonen; (want wat zoon is er, dien de vader niet kastijdt?)

Maar indien gij zonder kastijding zijt, welke allen deelachtig zijn geworden, zo zijt gij dan bastaarden, en niet zonen.

Voorts, wij hebben de vaders onzes vleses wel tot kastijders gehad, en wij ontzagen hen; zullen wij dan niet veel meer den Vader der geesten onderworpen zijn, en leven?

Want genen hebben ons wel voor een korten tijd, naar dat het hun goed dacht, gekastijd; maar Deze kastijdt ons tot ons nut, opdat wij Zijner heiligheid zouden deelachtig worden.

En alle kastijding als die tegenwoordig is, schijnt geen zaak van vreugde, maar van droefheid te zijn; doch daarna geeft zij van zich een vreedzame vrucht der gerechtigheid dengenen, die door dezelve geoefend zijn.

Daarom richt weder op de trage handen, en de slappe knieen;

En maakt rechte paden voor uw voeten, opdat hetgeen kreupel is, niet verdraaid worde, maar dat het veelmeer genezen worde.

Jaagt den vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand den Heere zien zal;

Toeziende, dat niet iemand verachtere van de genade Gods; dat niet enige wortel der bitterheid, opwaarts spruitende, beroerte make en door dezelve velen ontreinigd worden.

Dat niet iemand zij een hoereerder, of een onheilige, gelijk Ezau, die om een spijze het recht van zijn eerstgeboorte weggaf.

Want gij weet, dat hij ook daarna, de zegening willende beerven, verworpen werd; want hij vond geen plaats des berouws, hoewel hij dezelve met tranen zocht.

Want gij zijt niet gekomen tot den tastelijken berg, en het brandende vuur, en donkerheid, en duisternis, en onweder,

En tot het geklank der bazuin, en de stem der woorden; welke die ze hoorden, baden, dat het woord tot hen niet meer zou gedaan worden.

(Want zij konden niet dragen, hetgeen er geboden werd: Indien ook een gedierte den berg aanraakt, het zal gestenigd of met een pijl doorschoten worden.

En Mozes, zo vreselijk was het gezicht, zeide: Ik ben gans bevreesd en bevende).

Maar gij zijt gekomen tot den berg Sion, en de stad des levenden Gods, tot het hemelse Jeruzalem, en de vele duizenden der engelen;

Tot de algemene vergadering en de Gemeente der eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn, en tot God, den Rechter over allen, en de geesten der volmaakte rechtvaardigen;

En tot den Middelaar des nieuwen testaments, Jezus, en het bloed der besprenging, dat betere dingen spreekt dan Abel.

Ziet toe, dat gij Dien, Die spreekt, niet verwerpt; want indien dezen niet zijn ontvloden, die dengene verwierpen, welke op aarde Goddelijke antwoorden gaf, veelmeer zullen wij niet ontvlieden, zo wij ons van Dien afkeren, Die van de hemelen is;

Wiens stem toen de aarde bewoog; maar nu heeft Hij verkondigd, zeggende: Nog eenmaal zal Ik bewegen niet alleen de aarde, maar ook den hemel.

En dit woord: Nog eenmaal, wijst aan de verandering der bewegelijke dingen, als welke gemaakt waren, opdat blijven zouden de dingen, die niet bewegelijk zijn.

Daarom, alzo wij een onbewegelijk Koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vast houden, door dewelke wij welbehagelijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.

Want onze God is een verterend vuur.

Link naar bericht
Deel via andere websites

Jakobus is echt een mooi boek.

Jakobus 5

Welaan nu, gij rijken, weent en huilt over uw ellendigheden, die over u komen.

Uw rijkdom is verrot, en uw klederen zijn van de motten gegeten geworden;

Uw goud en zilver is verroest; en hun roest zal u zijn tot een getuigenis, en zal uw vlees als een vuur verteren; gij hebt schatten vergaderd in de laatste dagen.

Ziet, het loon der werklieden, die uw landen gemaaid hebben, welke van u verkort is, roept; en het geschrei dergenen, die geoogst hebben, is gekomen tot in de oren van den Heere Sebaoth.

Gij hebt lekkerlijk geleefd op de aarde, en wellusten gevolgd; gij hebt uw harten gevoed als in een dag der slachting.

Gij hebt veroordeeld, gij hebt gedood den rechtvaardige; en hij wederstaat u niet.

Zo zijt dan lankmoedig, broeders, tot de toekomst des Heeren. Ziet, de landman verwacht de kostelijke vrucht des lands, lankmoedig zijnde over dezelve, totdat het den vroegen en spaden regen zal hebben ontvangen.

Weest gij ook lankmoedig, versterkt uw harten; want de toekomst des Heeren genaakt.

Zucht niet tegen elkander, broeders, opdat gij niet veroordeeld wordt; ziet, de Rechter staat voor de deur.

Mijn broeders, neemt tot een voorbeeld des lijdens, en der lankmoedigheid de profeten, die in den Naam des Heeren gesproken hebben.

Ziet, wij houden hen gelukzalig, die verdragen; gij hebt de verdraagzaamheid van Job gehoord, en gij hebt het einde des Heeren gezien, dat de Heere zeer barmhartig is en een Ontfermer.

Doch voor alle dingen, mijn broeders, zweert niet, noch bij den hemel, noch bij de aarde, noch enigen anderen eed; maar uw ja, zij ja, en het neen, neen; opdat gij in geen oordeel valt.

Is iemand onder u in lijden? Dat hij bidde. Is iemand goedsmoeds? Dat hij psalmzinge.

Is iemand krank onder u? Dat hij tot zich roepe de ouderlingen der Gemeente, en dat zij over hem bidden, hem zalvende met olie in den Naam des Heeren.

En het gebed des geloofs zal den zieke behouden, en de Heere zal hem oprichten, en zo hij zonden gedaan zal hebben, het zal hem vergeven worden.

Belijdt elkander de misdaden, en bidt voor elkander, opdat gij gezond wordt; een krachtig gebed des rechtvaardigen vermag veel.

Elias was een mens van gelijke bewegingen als wij; en hij bad een gebed, dat het niet zou regenen; en het regende niet op de aarde in drie jaren en zes maanden.

En hij bad wederom, en de hemel gaf regen, en de aarde bracht haar vrucht voort.

Broeders, indien iemand onder u van de waarheid is afgedwaald, en hem iemand bekeert,

Die wete, dat degene, die een zondaar van de dwaling zijns wegs bekeert, een ziel van den dood zal behouden, en menigte der zonden zal bedekken.

Link naar bericht
Deel via andere websites
  • 2 weeks later...

Join the conversation

You can post now and register later. If you have an account, sign in now to post with your account.

Gast
Antwoord op deze discussie...

×   Plakken als rijke tekst.   Opmaak herstellen

  Er zijn maximaal 75 emoticons toegestaan.

×   Je link is automatisch geïntegreerd.   In plaats daarvan als link tonen

×   Je voorgaande bijdrage is hersteld.   Tekstverwerker leegmaken

×   Je kunt afbeeldingen niet direct plakken. Upload of voeg afbeeldingen in vanaf URL.


×
×
  • Nieuwe aanmaken...

Belangrijke informatie

We hebben cookies op je apparaat geplaatst om de werking van deze website te verbeteren. Je kunt je cookie-instellingen aanpassen. Anders nemen we aan dat je akkoord gaat. Lees ook onze Gebruiksvoorwaarden en Privacybeleid