Tortelduif 10 Geplaatst 3 uur geleden Rapport Share Geplaatst 3 uur geleden Een atoomklok meet tijd met behulp van een bepaald kwantummechanisch proces. Een mens veroudert niet doordat hij een klok is, maar doordat hij een biologisch proces is. Dat beide processen fysisch van aard zijn, maakt ze nog niet identiek. En daar zit mijn filosofische bezwaar: een klokmeting bepaalt nog niet wat "tijd" ontologisch is. Je kunt empirisch vaststellen dat twee klokken na het afleggen van verschillende trajecten verschillende waarden aangeven. Dat is een meetbaar feit. Maar uit die klokmeting volgt niet rechtstreeks een meting van biologische leeftijd. Een atoomklok meet tijd aan de hand van een specifiek kwantummechanisch proces. Een mens veroudert door een complex geheel van biologische processen. Dat beide uiteindelijk fysisch van aard zijn, maakt ze nog niet identiek. De stap van: "de klokken hebben verschillende hoeveelheden tijd geregistreerd" naar: "de ene mens is daardoor biologisch minder verouderd" is daarom een aanvullende theoretische stap. De relativiteitstheorie beschrijft dit door middel van eigentijd en gaat ervan uit dat alle lokale fysische processen zich overeenkomstig de ruimtetijdstructuur gedragen. Dat is een zeer fundamentele aanname binnen het model. Maar het blijft belangrijk om onderscheid te maken tussen wat het experiment rechtstreeks meet en wat wij daaruit theoretisch afleiden. Het experiment meet een verschil tussen klokprocessen. Het experiment meet niet rechtstreeks de biologische leeftijd van twee mensen. Daarom vind ik de uitspraak "snelheid vertraagt de tijd en daarom veroudert de reizende tweeling minder" te kort door de bocht. Dat is een interpretatie binnen een theoretisch kader, niet simpelweg de ruwe uitkomst van het klokexperiment. Mijn bezwaar is dus niet dat de klokken verschillende waarden kunnen aangeven. Mijn bezwaar is dat men daar vervolgens een ontologische betekenis aan geeft alsof daarmee bewezen is wat tijd werkelijk is en hoe tijd zich ten opzichte van biologische veroudering gedraagt. Ik vind het niet logisch noodzakelijk dat een verschil in atoomklokstand automatisch een verschil in biologische leeftijd betekent. De relativiteitstheorie veronderstelt dat alle lokale fysische processen aan dezelfde relativistische eigentijd gekoppeld zijn. Binnen dat theoretische kader volgt dus dat ook biologische processen overeenkomstig verschillen. Maar dat is iets anders dan de biologische leeftijd rechtstreeks meten. Het is daarom logisch denkbaar dat twee tweelingen bij hereniging dezelfde biologische leeftijd hebben, terwijl hun atoomklokken verschillende hoeveelheden tijd aangeven. De vraag is dan niet alleen welke klok gelijk heeft, maar fundamenteler: Wat meten we eigenlijk wanneer we tijd meten, en mogen we de uitkomst van één type fysisch proces zonder meer gelijkstellen aan biologische veroudering? Dat is voor mij het interessante filosofische vraagstuk achter de tweelingparadox. Citeren Link naar bericht Deel via andere websites
Tortelduif 10 Geplaatst 1 uur geleden Rapport Share Geplaatst 1 uur geleden https://www.youtube.com/watch?v=etAT3u-FTNQ Bestaat "niets" eigenlijk wel? We spreken nogal gemakkelijk over "niets". Maar als je er even over nadenkt, is het helemaal niet zo eenvoudig om te bepalen wat dat eigenlijk betekent. Stel dat we een ruimte volledig vacuüm kunnen maken en werkelijk alle materie eruit verwijderen. Dan is er nog steeds iets: er is ruimte, er is tijd en volgens de moderne natuurkunde zijn er nog steeds velden en een bepaalde grondtoestand. Een vacuüm is dus niet hetzelfde als absoluut niets. Maar wat als we werkelijk álles zouden verwijderen? Niet alleen materie, maar ook energie, velden, ruimte en tijd? Wat blijft er dan over? Misschien is "niets" dan niet eens een toestand die kan bestaan. Een vergelijking met licht en donker maakt dat enigszins duidelijk. Donkerte is geen zelfstandige substantie. Je kunt geen pond donker kopen en het op je brood smeren. Donkerte is simpelweg de afwezigheid van licht. Zodra er licht verschijnt, verdwijnt de donkerte. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor stilte: stilte is geen geluidloos soort geluid, maar de afwezigheid van geluid. Daarom kun je onderscheid maken tussen: geen materie → vacuüm; geen licht → donkerte; geen geluid → stilte; maar geen werkelijkheid → wat bedoelen we dan eigenlijk met "niets"? "Niets" zou dan nog fundamenteler zijn dan de afwezigheid van materie. Bij een vacuüm ontbreekt materie, maar er is nog steeds een ruimte waarin die materie ontbreekt. Bij absoluut niets zou zelfs die ruimte er niet zijn. En daar ontstaat een merkwaardige paradox. Zodra we zeggen dat "niets bestaat", behandelen we niets eigenlijk als een soort ding of toestand die bestaat. Misschien is de uitspraak "er bestaat niets" daarom wel problematisch. Want als er werkelijk niets is, is er ook niets dat kan bestaan. Je zou het daarom ook zo kunnen formuleren: Donkerte is de afwezigheid van licht. Een vacuüm is de afwezigheid van materie. Maar absoluut niets zou de afwezigheid van iedere werkelijkheid zijn. En misschien is dat laatste helemaal geen mogelijke toestand. Misschien bestaat er uiteindelijk helemaal geen "niets". Misschien bestaat er alleen iets, en kunnen bepaalde dingen binnen die werkelijkheid ontbreken. Citeren Link naar bericht Deel via andere websites
Hopper 851 Geplaatst 30 minuten geleden Rapport Share Geplaatst 30 minuten geleden (bewerkt) De antwoorden op dit soort vragen staan gewoon in de Bijbel: 2 Korinthiërs 4:18 Dewijl wij niet aanmerken de dingen, die men ziet, maar de dingen, die men niet ziet; want de dingen, die men ziet, zijn tijdelijk, maar de dingen, die men niet ziet, zijn eeuwig. Lijkt me duidelijk, alles wat je kunt zien (het iets) is tijdelijk. Maar de dingen die je niet kunt zien (het niets) zijn eeuwig. Het "niets" is fundamenteel en dat niets is geen vacuüm. Het is erg simpel, alles wat schepping is , is "iets" , de schepping kun je immers zien. Maar wat is dan dat "niets"? Ook daar geeft de Bijbel een antwoord op. Galaten 6:3 Want zo iemand meent iets te zijn, daar hij niets is, die bedriegt zichzelven in zijn gemoed. Mensen menen altijd maar "iets" te moeten zijn, dat is hoogmoed. Christus predikte eenvoud, nederigheid. Het iets-willen-zijn is zelfbedrog..... In het kader van het topic kun je stellen dat het "niets" waarheid is en het "iets" onwaar, bedrog. Zolang de mens meent dat hij ook nog maar iets voorstelt, leeft hij in zelfbedrog en zwijgt de Geest der waarheid. Johannes 16:13 Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelven niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomende dingen zal Hij u verkondigen. 29 minuten geleden bewerkt door Hopper Citeren Link naar bericht Deel via andere websites
Aanbevolen berichten
Join the conversation
You can post now and register later. If you have an account, sign in now to post with your account.